Wees zuinig op de rechtsstaat en op de instituties

Geplaatst op: vrijdag 30 juni 2017

Op dinsdag 20 juni sloot Staatsraad Winnie Sorgdrager de ProDemos Collegereeks van het voorjaar af. De titel van haar college: ‘Hoe kunnen de waarden van de democratische rechtsstaat worden behoed en doorgegeven?’ sloot mooi aan bij het thema van de gehele reeks: ‘Democratie zonder rechtsstaat: hoe gevaarlijk is dat?’  Als oud-minister van justitie, procureur-generaal en lid van de Eerste Kamer zag zij alle kanten van onze rechtsstaat van dichtbij. Een belofte voor een mooie avond.

Definitie van de rechtsstaat

‘Democratische rechtsstaat. Dat zijn grote woorden, die vaak ook tamelijk plechtig worden uitgesproken. Maar ze zijn ook belangrijk. Hoe belangrijk, dat zal meningen pas beseffen wanneer je niet meer kunt spreken van een democratische rechtsstaat.’ Met die woorden zette de Staatsraad de toon voor de avond. De definitie van rechtsstaat die Sorgdrager hanteert, is de klassieke definitie: de vrijheid van burgers, gelijkheid voor de wet, rechtszekerheid voor het individu en rechtvaardigheid.

Dat betekent onder meer dat alles wat de overheid doet, gebaseerd moet zijn op wetten. Inbreuken op vrijheden van burgers zijn alleen toegestaan, als de wet hiervoor een grondslag biedt. Het Europese Hof voor de rechten van de mens in Straatsburg heeft daaraan toegevoegd dat inbreuken op de vrijheden en rechten van de mens alleen zijn geoorloofd als deze echt nodig zijn in een democratische samenleving.

Interpretatievrijheid van wetten

Onderzoek van de Europese Unie heeft vastgesteld dat 70% van de Nederlandse bevolking vertrouwen heeft in de rechterlijke macht en dat 80% denkt dat de rechter onafhankelijk is.
In een rechtsstaat worden mensenrechten gerespecteerd. Maar mensenrechten zijn niet absoluut en bovendien soms tegenstrijdig. Daarom mogen zij soms ingeperkt worden, zij het slechts bij formele wet en niet verder dan dringend nodig is in een democratische samenleving. Denk bijvoorbeeld aan anti-discriminatieregels of anti-terrorismewetgeving. Veel afspraken zijn geregeld in het Europees Verdrag voor de rechten van de Mens. Maar de regels worden door landen verschillend geïnterpreteerd.

Neem bijvoorbeeld het voorstel over het instellen van een verbod op gezichtsbedekkende kleding. Het eerste voorstel ging over een Boerkaverbod. Maar omdat dit te specifiek aan één religie gekoppeld werd, is het voorstel later gewijzigd in een verbod op gezichtsbedekkende kleding in delen van de openbare ruimte.

 

Paradox van vrijheid vs. vrijheidsbeperking

Sorgdrager: ‘Dat elke tijd en context een eigen invulling van de rechten en de beperkingen ervan vergt, spreekt vanzelf. Soms moet de overheid de mogelijkheid hebben vrijheidsbeperkende  maatregelen te nemen ter bescherming van haar burgers, óók als die inbreuk maken op de vrijheden van haar burgers. Deze paradox betekent een voortdurende belangenafweging, met als gevolg dat de invulling van het begrip ‘rechtsstaat’ geen constante is.’ Voorbeeld daarvan is de uitwisseling van gegevens tussen inlichtingendiensten en politie. Jarenlang wilde Nederland daar als één van de weinige landen niets van weten. Nu is het zelfs praktijk van Nederland dat er op Europees gebied inlichtingen worden uitgewisseld. En het gebruik van camera’s in de openbare ruimte is ook zo’n voorbeeld dat jarenlang not-done was en nu op grote schaal (en met algemene instemming) plaatsvindt.

Ook in het recht van het vrije woord is ontwikkeling merkbaar. Dit is volgens Winnie Sorgdrager een essentieel recht voor het functioneren van een democratie. ‘Dat soms van dit recht op een manier gebruik wordt gemaakt die wel erg ver doorschiet, moeten we dan maar voor lief nemen’ zo zegt ze. Daarbij haalt ze het voorbeeld aan van uitspraken waar Janmaat voor vervolgd is, en op verdergaande uitspraken van Wilders jaren later komt geen vervolging.

Nieuwe tijd, nieuwe culturele waarden

Staatsrechtelijke instituties, waarvan taak en bevoegdheden zijn vastgelegd in de wet, zijn onlosmakelijke onderdelen van de rechtsstaat. Zij beoordelen, toetsen aan grondrechten, doen uitspraken. Maar ook zij zijn gevoelig voor de opinie in hun tijd. En deze instituties worden bevolkt door mensen die op zijn minst redelijk kunnen nadenken. Die zou je ‘de elite’ kunnen noemen. Politici trappen tegen deze elite, brengen daarmee ook deze instituties in diskrediet. Vertrouwen in de rechtelijke macht is onontbeerlijk voor het functioneren van een samenleving. “Het is een groot goed dat het overgrote deel van de Nederlanders vertrouwen heeft in de rechterlijke macht. Dat moeten we koesteren en zorgen dat dat zo blijft. Een politicus die op respectloze wijze spreekt over de rechterlijke macht, speelt met vuur.”

De laatste eeuwwisseling markeert een cruciaal moment in de Europese geschiedenis. ‘Met de veranderende bevolkingssamenstelling en de intrede van sociale media zijn de democratische processen ter discussie komen te staan. Andere culturele waarden dan de traditionele zullen hoe dan ook hun plaats krijgen in de maatschappij. De vrijheden die we sedert de jaren zestig hebben verworven, worden uitgedaagd.’  Voorbeelden hiervan zijn dat bevochten rechten van homo’s en lesbiennes in de praktijk weer worden beperkt doordat andere, nieuwe, groepen die daar anders over denken. En dat het niet meer vanzelfsprekend is dat de feestdagen alleen christelijke zijn en dat tradities als Zwarte Piet eeuwig blijven voortbestaan.

Eindstadium van de democratie?

Conflicten die elders zijn ontstaan, worden inmiddels ook in Europa uitgevochten. Hierbij beschrijft Sorgdrager onder meer ontwikkelingen in Rusland en Turkije. Hoe Westerse leiders hiermee omgaan, is cruciaal. ‘De democratie waarin ook met minderheden rekening wordt gehouden, zal veranderen in de democratie van de meerderheid. De zaken gaan zoals de gekozenen dat willen en met anderen wordt geen rekening gehouden. Als elites wordt afgebroken en iedereen vrij is te doen en te zeggen wat hij wil, als de Volkswil uiteindelijk bepaalt wat er gebeurt, zijn we in het eindstadium van de democratie terecht gekomen.’

Doorgeven van waarden

Dat is in wezen ook de vraag van vanavond: hoe kunnen de waarden van de democratische rechtsstaat worden behoed en doorgegeven?

‘Het doorgeven van de joods-christelijke en humanistische waarden van onze samenleving zijn van generatie op generatie overgedragen. En van generatie op generatie zijn die aangepast. Een maatschappij evolueert immers. Deze waarden zijn doorgegeven als vanzelfsprekendheden. Door ouders aan kinderen, door het onderwijs, door de Kerken. Door vooraanstaande personen in de samenleving.  Het feit dat het onderwerp van vanavond aan de orde is, betekent al dat er twijfel is of de waarden van de rechtsstaat nog wel worden doorgegeven.’

Het is dus te gemakkelijk om te zeggen dat het doorgeven van de waarden van de rechtsstaat en kwestie van opvoeding is. Eventueel aangevuld met het onderwijs is dat wel zo, maar er is ook meer nodig. Want Nederland is geen totalitaire staat. In zo’n staat heeft de autoriteit nog meer invloed op de kwaliteit van de samenleving. In onze staat, waarin veel in wetten zijn vastgelegd, geldt dat het niet altijd mogelijk is om waarden af te dwingen of gedrag op te leggen.

De Raad van Europa heeft Nederland meerdere malen opgeroepen om mensenrechten in het onderwijs onder te brengen. Er is geen verplicht vak ‘mensenrechten’, want dat past niet in onze opvatting over de vrijheid van onderwijs: de staat legt geen waarden op. Scholen geven wel aandacht aan bepaalde universele waarden, zoals respect voor anderen. Maar oudere kinderen kunnen ook best dilemma’s voorgeschoteld krijgen. Je kunt daarmee kinderen bewust maken over de keuzes die ze maken. Maar dat vergt wel wat van docenten.

Niet alles is aan het onderwijs over te laten. Fundamentele waarden moet je ook van huis meekrijgen. En als je kijkt naar hoe mensen zich gedragen op internet, dan rijst de vraag in hoeverre die waarden altijd goed worden overgedragen. ‘Ik wil niet al te somber zijn. Heel veel mensen zullen, als je ze het op de man of vrouw vraagt, de waarden die wij zo belangrijk vinden, omarmen. Ze realiseren zich denk ik onvoldoende dat in het huidige klimaat de waarden van de rechtsstaat aan het afbrokkelen zijn. En dat ze in sommige gevallen daaraan meewerken.’

Breng ook positief nieuws

Een negatieve boodschap of negatieve krachten zijn makkelijker over te brengen dan positieve. Neem als voorbeeld het Oekraïne referendum. Het ging niet zozeer om het associatieverdrag, als wel om destabilisering en het aanwakkeren van de anti-EU geest. Dat heeft wellicht een aantal mensen de ogen geopend. Maar niet iedereen. En veel te laat. De mogelijkheden voor populisten om onze gedachten over angst en onzekerheid te beïnvloeden zijn, mede dankzij internet, eindeloos. Hier tegenover moeten we leren omgaan met brengen van positief nieuws. Dat zijn we niet gewend, maar afstand nemen van het cynische ‘goed nieuws is geen nieuws’ is nodig.

Populisme

Daarmee komen we terecht bij de opkomst van het populisme. Bewegingen van mensen die zich afzetten tegen de gevestigde orde, maar zelf ook geen alternatief hebben. Sorgdrager gaat er bewust niet te veel op in ‘want er zijn al boeken over volgeschreven’. Maar in het kort: mensen voelen zich niet gehoord, achtergesteld, bedreigd in hun bestaan, en zien dat anderen wel aandacht krijgen. De ‘sociale’ media voedt deze gedachten. Dit kan in de ogen van Sorgdrager alleen bestreden worden door te kijken naar de oorzaken van de boosheid van de boze witte mensen. “Fouten die we in het verleden gemaakt hebben, zullen we onder ogen moeten zien en ervan moeten leren. Het helpt niet als politici van ‘mainstream’ partijen ook meedoen in de populistische trend. We zullen ons moeten bezinnen op de staat van onze maatschappij. ‘Is het nog wel zo dat we kunnen spreken van gelijke kansen? Is het onderwijs nog wel voor iedereen toegankelijk? Worden de middengroepen en vooral de lager opgeleiden wel gehoord?’  Er zijn mensen die niet aangehaakt zijn en die groep wordt groter naar mate de maatschappij ingewikkelder wordt en de overheid steeds meer eigen inzet van burgers vraagt.

Globalisering

Ook globalisering is niet te stuiten. Het geeft ruimte en kansen. Maar voor grote groepen lijkt het minder gunstig. Traditionele gemeenschappen, zoals kerken, verdwijnen. Anonieme komen er voor in de plaats. Maar men blijft behoefte hebben aan contact met ‘de ander’. ‘Er ligt een grote verantwoordelijkheid bij politici en media. Media roepen zichzelf nogal eens uit tot de waakhond van de democratie. Of misschien zelfs wel tot hoeders van de waarden van de rechtsstaat. Dat was althans tot een aantal jaren geleden zo. Ik betwijfel of dat nu nog zo is. Ja sommige journalisten zeker. Die personen moeten gekoesterd worden. Maar ze worden nogal eens weggesaneerd in verband met bezuinigingen.’

Verantwoordelijkheid van politici

Omdat politici in een ‘dodelijke’ omarming met de media functioneren, hebben zij een eigen verantwoordelijkheid. Zowel individueel, als ten opzichte van de rechtsstaat. Je hebt dan ook een voorbeeldfunctie als volksvertegenwoordiger. Het is in de ogen van Winnie Sorgdrager triest dat niet alle leden van de Staten Generaal zich daarvan bewust zijn. ‘Daarom vind ik dat nooit met de PVV geregeerd zou moeten worden. Niet omdat ze  populistisch zijn, maar omdat ze de waarden van de rechtsstaat ontkennen en alleen maar destructief bezig zijn.’

De komende jaren zullen hoe dan ook een zoektocht zijn. Nieuwe verhoudingen zullen ontstaan, onze ‘oude’ culturele waarden zullen de invloed van nieuwe ondergaan. De maatschappij zal niet homogeen zijn, maar bestaan uit verschillende groepen. Volledige integratie is een illusie. Het gaat erom dat deze groepen naast en met elkaar in harmonie kunnen leven.

Sorgdrager: “Juist in die situatie moeten we zuinig zijn op de rechtsstaat, waarin de rechten van minderheden worden beschermd. Zuinig op instituties en zuinig op de elite. Laten we ons niet laten meeslepen in populisme. Als de elite zichzelf niet meer wil verdedigen, breken we vanzelf ook belangrijke maatschappelijke waarden af, waarvoor weinig in de plaats komt. Wat niet wil zeggen dat de elite altijd dezelfde zal blijven. Er moet ook nieuwe, frisse invloed komen, maar een samenleving kan niet zonder elite functioneren.”

De rechtsstaat kan niet alleen maar met macht worden afgedwongen. Zij moet  geworteld zijn in de samenleving. Normen en waarden veranderen, maar dat hoeft niet problematisch te zijn.

‘Er is behoefte aan maatschappelijke waarden en moreel gezag van overheid en haar leiders. Aan inspirerende personen, met een visie op de toekomst. Niet bang voor de kiezer, maar met een eigen koers. Mensen die sterk en moedig genoeg zijn om afwegingen en professionele twijfel te tonen. Mensen die vertrouwen afdwingen. Inderdaad, politiek en bestuur zijn er niet eenvoudiger op geworden. Maar misschien wel uitdagender.’